<< Vraagbaak

Voorloop banden controleren

Ik wil dit voorjaar de brede banden van mijn maaidorser op mijn trekker monteren. Hoe weet ik of de voorloop nog klopt?

Bij een vierwielaangedreven trekker is het belangrijk dat de voorwielen iets voorloop hebben. Doordat de voorwielen in bochten een grotere afstand afleggen dan de achterwielen moeten ze een fractie sneller draaien. De voorloop ligt bij voorkeur tussen 1 en 5 procent. Een voorloop kleiner dan 0 of groter dan 6 procent kan het rij- en stuurgedrag nadelig beïnvloeden. Bovendien zullen de banden sneller slijten en worden delen van de aandrijflijn (assen, koppeling vierwielaandrijving) zwaarder belast.

Bij een nieuwe trekker wordt vermeld wat de standaardbandenmaten zijn. Vaak zijn meerdere bandencombinaties mogelijk waarbij de grenzen van de juiste voorloop niet worden overschreden.

Om de voorloop te berekenen heb je de verhouding van het aantal omwentelingen tussen de voor- en achteras nodig. Bij mechanische voorwielaandrijving staat die verhouding vast en wordt deze bepaald door tandwielen in de versnellingsbak. Dit is merk- en typeafhankelijk en staat vermeld in de gebruiksaanwijzing. In de meeste gevallen ligt die waarde tussen 1,20 en 1,50.

Verder heb je de afrolomtrek van de voor- en achterbanden nodig. Deze zijn vermeld in de bandentabel van de fabrikant, maar je kunt die waarde ook zelf opmeten. Dit doe je door met krijt een streep op de band en de vloer te zetten en vervolgens (met uitgeschakelde voorwielaandrijving) de trekker te verrijden tot de streep weer beneden is. Door de afstand tussen de twee strepen te meten heb je de afrolomtrek. Bij gebruikte banden is meten sowieso zinvol omdat de waarden uit de bandentabel niet meer opgaan. Door de bandenslijtage kan de omtrek enkele procenten afwijken.

Interessant? Deel dit via:
Facebook Twitter LinkedIn Email
Stuur mij maandelijks Mechaman bedrijfsnieuws
E-mail:

Geef een reactie