{"id":21101,"date":"2024-09-24T09:30:00","date_gmt":"2024-09-24T07:30:00","guid":{"rendered":"https:\/\/www.mechaman.nl\/veehouderij-techniek\/?p=21101"},"modified":"2024-09-23T13:59:05","modified_gmt":"2024-09-23T11:59:05","slug":"met-zijn-allen-batchmelken-lonkt","status":"publish","type":"post","link":"https:\/\/www.mechaman.nl\/veehouderij-techniek\/artikel\/20240924\/met-zijn-allen-batchmelken-lonkt\/","title":{"rendered":"Met zijn allen&#8230; Batchmelken lonkt"},"content":{"rendered":"<div class=\"wp-block-post-excerpt\"><p class=\"wp-block-post-excerpt__excerpt\">Omdat melkers moeilijk zijn te vinden, wordt de melkrobot ook op grote melkveebedrijven populair. Wie de bedrijfsvoering niet te veel wil veranderen, kan kiezen voor batchmelken. <\/p><\/div>\n\n\n<p>Het was 2014 toen de Duitse Fullwood-importeur Lemmer met een nieuw automatisch melkconcept op de proppen kwam. In 2018 werd de eerste ge\u00efnstalleerd. Het kreeg de naam batchmilking, batchmelken in goed Nederlands. Het komt erop neer dat je de gangbare melkstal vervangt door meerdere automatische melksystemen. Verder laat je alles gelijk. Je melkt de koeien dus gewoon twee of drie keer per dag \u2013 net als in een traditionele melkstal. Zo verandert er weinig aan de organisatie op het bedrijf bij de introductie van een melkrobot. Je haalt de koeien naar binnen, voert de kalveren tijdens het melken, maakt de boxen schoon en maakt het rantsoen klaar.<\/p>\n\n\n\n<p>\u201cOp een gangbaar robotbedrijf staat alles in dienst van de robot\u201d, zegt Johan Knol, robotspecialist van melkmachinefabrikant Gea. \u201cHet weiden, het werk. Je moet 24 uur per dag aan staan. Dat wil niet iedereen. Met batchmelken staat de veehouder weer centraal.\u201d Ophaalkoeien? Die zijn er niet. Alarmmeldingen gedurende de nacht? Je krijgt ze niet. Is het melken gedaan, dan kan het licht uit en ben je klaar.<\/p>\n\n\n\n<p>Vooral grote melkveebedrijven die melken in draaimelkstallen zijn ge\u00efnteresseerd. Zij kunnen met batchmelken met minder personeel toe, is het idee. En dat komt goed uit, want vakkundig personeel is overal ter wereld moeilijk te krijgen. Tom Huinink, robotbaas van Boumatic, snapt wel dat die zoektocht lastig is. \u201cVijf uur lang achter elkaar in een 60 stands draaimelkstal melken, maakt je kapot.\u201d Daarnaast komen in de VS emigranten niet meer zo gemakkelijk het land in. En juist zij molken de koeien. En als je er wel in slaagt, komen ze niet altijd opdagen op de afgesproken tijdstippen. Met de introductie van batchmelken is dat verleden tijd.\u201d Of zoals robotspecialist Sigmar Vosjan van DeLaval Benelux het zegt: \u201cHet past bij meer mensen en op meer bedrijven dan velen beseffen. Batchmelken zou voor sommige veehouders wel eens het beste uit twee werelden kunnen zijn. Je zoekt de balans tussen de investeringen, de arbeidseffici\u00ebntie, de koe en de reeds gedane investeringen in gebouwen. Maar het is niet het nieuwe automatische melken. De traditionele opstelling van robots zetten wij nog altijd voorop.\u201d<\/p>\n\n\n\n<h2 class=\"wp-block-heading\">Vanaf 250 koeien<\/h2>\n\n\n\n<p>Hoewel batchmelken vooral geschikt zou zijn voor grotere melkveebedrijven met meer dan 250 tot enkele duizenden koeien, zijn er ook in Europa kleinere bedrijven die het systeem willen toepassen. Boumatic installeert dit jaar vier Gemini Up Max-systeem met dubbele melkbox op een bedrijf met 160 melkkoeien in Itali\u00eb. Een specifieke situatie, dat wel. Huinink: \u201cDe veehouder levert zijn melk aan een melkfabriek die er Parmezaanse kaas van maakt. Die melk moet binnen 4,5 uur in de fabriek zijn. Dat lukt niet als je op de gangbare manier met een melkrobot werkt.\u201d<\/p>\n\n\n\n<p>De melkmachinefabrikant introduceerde batchmelken ook op een biologisch bedrijf in Denemarken dat 24 uur weidegang toepast op percelen op afstand van de boerderij. De 250 koeien worden er nu tweemaal daags naar binnen gehaald, waar ze door robots worden gemolken. Een melkbeurt duurt er drie uur. Melkers zijn niet meer nodig. Wel moet een werknemer het poortje openzetten, zodat de koeien in de wachtruimte kunnen. Daarna kan hij of zij andere klussen in de stal uitvoeren, zolang hij maar op tijd is om de volgende groep in de wachtruimte te laten. In een gangbare melkstal zijn minstens twee mensen nodig. Eentje die de koeien ophaalt en klusjes doet en de ander die melkt. Zo kan batchmelken er dus voor zorgen dat een familiebedrijf wel meer koeien kan melken, maar niet op zoek hoeft naar extra arbeidskrachten.<\/p>\n\n\n\n<p>Op een gangbaar robotbedrijf staan de melksystemen veelal door de hele stal of over meerdere stallen verspreid. Dat gaat vaak ten koste van ligplaatsen. Bij batchmelken niet. De robots komen namelijk met zijn allen in een aparte ruimte. Die ruimte moet er wel zijn of worden gebouwd. Fullwood plaatst zijn robots in een halfronde opstelling. Het idee daarachter is dat een hek de koeien vanuit het midden van de ronde wachtruimte naar de robots drijft. De dieren lopen daardoor gemakkelijk de melkrobot van hun keuze in, zonder dat ze links of rechts hoeven af te slaan. Een nieuwe groep koeien vult de wachtruimte achter het opdrijfhek weer.<\/p>\n\n\n\n<h2 class=\"wp-block-heading\">Kassaopstelling<\/h2>\n\n\n\n<p>Ook DeLaval bouwde in 2019 zijn eerste batchmelksysteem op die manier. Maar inmiddels doet dat bedrijf het zo niet meer. \u201cHet is niet zo effici\u00ebnt bouwen\u201d, aldus Vosjan van DeLaval. Tegenwoordig wordt vaak gekozen voor een zogenoemde kassa-opstelling, waarbij de robots zij-aan-zij naast elkaar staan. Vosjan: \u201cEr zijn voldoende alternatieven. Een rechte opstelling, een U-vorm, een L-vorm. Alles is mogelijk.\u201d Ook een dubbele rij robots, met de wachtruimte in het midden of robots in een V-vorm \u2013 zoals Boumatic die plaatst \u2013 komen voor. Het idee is dat de achterste koeien de voorste in de robot \u2018duwen\u2019. Achter de robots komt over het algemeen een terugloopgang met een selectiepoort, zodat de gemolken koeien een strohok of separatieruimte in kunnen lopen of kunnen doorlopen naar de ligboxen en het voerhek.<\/p>\n\n\n\n<p>Het Nederlandse Hanskamp kiest in landen waar de graskwaliteit onder de maat is vaak voor een groot aantal extra krachtvoerboxen achter de robot. Dat verkort de vreettijd in het automatische melksysteem flink. Je geeft immers maar 1 tot maximaal 3 kg per dag. De rest van het rantsoen \u2013 tot soms wel 12 kg krachtvoer, tarwe of gerst \u2013 krijgt de koe in de krachtvoerbox. Een lokker dus, die de koeien door de robot helpt. Ophalen zou zelfs niet nodig zijn, zegt Bart Pennings, productmanager van Hanskamp. \u201cWe zorgen ervoor dat er altijd een krachtvoerbox vrij is.\u201d Daarmee is er dus een overcapaciteit aan robotboxen, maar het aantal koeien dat door de robots wordt gemolken is hoog. Daarbij komt dat de investering in een enkele robot altijd nog hoger is dan die in tien krachtvoerboxen.<\/p>\n\n\n\n<p>Om een hoge capaciteit te krijgen en de robots zo goed mogelijk te benutten, moet de boxtijd zo laag mogelijk zijn. Gemiddeld melkt een robot in een batchsysteem zeven tot acht koeien per uur, een boxtijd van 7,5 tot 8 minuut per koe. Hoeveel robotsystemen geplaatst moeten worden, hangt vooral af van de maximale tijd die een melkbeurt mag duren. Wil je een kortere shift dan kun je meer robots plaatsen zodat je gedurende de dag minder arbeidskrachten nodig hebt. Uitgangspunt is dat een groep koeien niet langer dan anderhalf uur in de wachtruimte moet staan. Wie dus een groep van honderd koeien tweemaal daags wil melken, heeft tien tot dertien robots nodig. Melkt een robot 21 uur per dag dan bereikt een enkele box zo een capaciteit van tachtig koeien per dag. Bij driemaal daags melken ligt dat logischerwijs lager.<\/p>\n\n\n\n<p>De capaciteit van een enkele melkbox is op de grote bedrijven ook te verhogen door \u00e9\u00e9n van de robots te reserveren voor de verse koeien of voor dieren die met antibiotica zijn behandeld. Daardoor hoef je nog maar \u00e9\u00e9n robot na elke melking te reinigen. De andere systemen kunnen dan gewoon door melken.<\/p>\n\n\n\n<p>In een batchsysteem mag \u00e9\u00e9n van de robots defect raken. Doordat er twee of drie keer per dag wordt gemolken, is er namelijk altijd voldoende ruimte op de dag om de overblijvende robots de resterende koeien te laten melken. Het melken gaat gewoon door zonder dat de wachtlijst al te ver oploopt. Een servicemonteur hoeft dus niet op stel en sprong de machine te repareren, maar kan dat op een tijdstip doen dat hem goed uitkomt \u2013 de volgende dag of na het weekend. Dat spreekt veel leveranciers aan. Johan Knol, Gea: \u201cWe kunnen de monteur daardoor effici\u00ebnter inzetten.\u201d Zo bespaar je kosten bij de storingsdienst, die vanwege personeelsgebrek bij veel dealers en leveranciers toch al niet zo goed bezet is.<\/p>\n\n\n\n<section class=\"wp-block-newheap-blocks-one-col-image image-holder\"><div class=\"row\"><div class=\"col-md-12\"><div class=\"image-holder\" style=\"background-image:url(https:\/\/www.mechaman.nl\/veehouderij-techniek\/wp-content\/uploads\/sites\/7\/2024\/09\/0424_batch-melken_-2024-07-GEA-Batch-Milking-R9650-photo_0001-1250x834.jpg)\"><img decoding=\"async\" src=\"https:\/\/www.mechaman.nl\/veehouderij-techniek\/wp-content\/uploads\/sites\/7\/2024\/09\/0424_batch-melken_-2024-07-GEA-Batch-Milking-R9650-photo_0001-1250x834.jpg\"\/><\/div><div class=\"image-title\"><\/div><p>Gea bedient met een vacu\u00fcmpmp en melkontvangst twaalf R9650-robotboxen. Ook Boumatic heeft de vacu\u00fcmpomp uit de melkrobot gehaald.<\/p><\/div><\/div><\/section>\n\n\n\n<h2 class=\"wp-block-heading\">Vacu\u00fcmpomp<\/h2>\n\n\n\n<p>Op bedrijven met 2.000 koeien zul je meer dan dertig robots moeten plaatsen. Dat grote aantal drijft de investering op. Dat is \u00e9\u00e9n van de redenen dat Boumatic de vacu\u00fcmpomp buiten de robot plaatst en meerdere robots tegelijkertijd kan bedienen. Ook Gea paste de R9600-melkrobot aan op batchmelken. De fabrikant introduceerde deze R9650 in augustus dit jaar en installeerde hem op pilotbedrijven in Duitsland en Spanje. De aangepaste R9600 is ontdaan van onderdelen die een groep robots ook gezamenlijk kan gebruiken. De melkpomp en de melkontvangst, bijvoorbeeld. Net als alle melkleidingen verplaatst Gea die het liefst naar een kelderruimte onder de robots. Dat verlaagt de aanschaf- en onderhoudskosten per robot met dertig tot veertig procent ten opzichte van een gangbare melkrobot \u2013 puur doordat er onderdelen worden gecombineerd, claimt Johan Knol. Twaalf melkrobots kunnen gebruikmaken van de gezamenlijke melkleiding, vacu\u00fcmpomp en melkontvangst. Daarnaast zorgt de kelder onder de robots ervoor dat het systeem goed toegankelijk is en dat de monteur zijn werk sneller kan doen.<\/p>\n\n\n\n<p>DeLaval gebruikt de standaardrobot, maar omdat de systemen op jaarbasis minder koeien melken, laat het bedrijf de servicemonteur minder vaak voorrijden. In plaats van drie keer per jaar komt het servicebusje maar twee keer per jaar langs. Maar omdat de robots minder melken, gaan ze wel langer mee. Dat beperkt de afschrijvingskosten.<\/p>\n\n\n\n<p>Tegelijkertijd laten leveranciers het opdrijfhek in de wachtruimte achterwege. \u201cDaarmee pers je alleen de achterste koeien samen\u201d, zegt Vosjan van DeLaval. In een batchmelksysteem worden de koeien niet gedwongen om naar de melkrobot te lopen. Ze hebben de ruimte om hun eigen weg te vinden. Dat betekent dat de koe die keuze ook zelf moet kunnen maken. Daarom is de wachtruimte van een stal waarin batchmelken wordt toegepast groter dan die van een conventionele melkstal. Heeft een koe daar 1,4 vierkante meter tot haar beschikking, bij batchmelken is dat bij DeLaval 2,3 vierkante meter.<\/p>\n\n\n\n<section class=\"wp-block-newheap-blocks-one-col-image image-holder\"><div class=\"row\"><div class=\"col-md-12\"><div class=\"image-holder\" style=\"background-image:url(https:\/\/www.mechaman.nl\/veehouderij-techniek\/wp-content\/uploads\/sites\/7\/2024\/09\/0424_batchmilking_VMS-batchmilking-3-1250x833.jpg)\"><img decoding=\"async\" src=\"https:\/\/www.mechaman.nl\/veehouderij-techniek\/wp-content\/uploads\/sites\/7\/2024\/09\/0424_batchmilking_VMS-batchmilking-3-1250x833.jpg\"\/><\/div><div class=\"image-title\"><\/div><p>De meeste robotleveranciers plaatsen de robots in een batchmelksysteem in een zogenoemde kassaopstelling. De robots staan dan in rij zij-aan-zij naast elkaar.<\/p><\/div><\/div><\/section>\n\n\n\n<h2 class=\"wp-block-heading\">Rustiger<\/h2>\n\n\n\n<p>Leveranciers constateren dat koeien na de overstap naar batchmelken rustiger zijn dan in een melkstal. Knol van Gea: \u201cJe haalt de storende factor weg: de melker. Wellicht speelt dat niet op bedrijven waar de eigenaar zelf zijn koeien melkt. Maar wel op grote bedrijven waar medewerkers de koeien melken. Zij zorgen voor de grootste problemen.\u201d<\/p>\n\n\n\n<section class=\"wp-block-newheap-blocks-kadertekst article-highlight\"><div class=\"row\"><div class=\"col-md-6\"><\/div><div class=\"col-md-6\"><h3>\u2018Batchmelken? Liever niet<\/h3><p>De meeste leveranciers van robots zien batchmelken wel zitten. Lely kijkt er anders tegenaan. Het is vaak niet de beste keus. Het grote aantal melksystemen dat nodig is werkt kostprijsverhogend, vindt Marcel Hendriks. Hij is accountmanager voor grote bedrijven bij de robotfabrikant en krijgt regelmatig vragen over batchmelken. \u201cWe gaan altijd het gesprek aan, de boer bepaalt. Maar ga er eerst maar even aan rekenen. Hoe kan je jouw euro zo effici\u00ebnt mogelijk inzetten?\u201d Niet alleen merkt Hendriks dat veehouders het aantal nachtelijke storingen overschat, hij verwacht ook dat bij het melken van batches koeien nog steeds veel arbeid nodig is. \u201cZeker als je driemaal daags melkt, ben je op een bedrijf met 500 koeien en negen robotboxen al snel 13,5 uur per dag aan het werk. Je hebt dus meerdere mensen nodig.\u201d Daarnaast zou de koe in een het batchmelksysteem minder goed tot haar recht komen. Zeker hoogproductieve koeien komen in de knel, verwacht Hendriks. \u201cDie worden niet zo vaak gemolken als ze eigenlijk zouden willen. Denk wat dat betreft ook aan het maatschappelijk draagvlak. Wil de consument dit wel?\u201d<\/p><\/div><\/div><\/section>\n\n\n\n<section class=\"wp-block-newheap-blocks-one-col-image image-holder\"><div class=\"row\"><div class=\"col-md-12\"><div class=\"image-holder\" style=\"background-image:url(https:\/\/www.mechaman.nl\/veehouderij-techniek\/wp-content\/uploads\/sites\/7\/2024\/09\/0424_batchmilking_fullwood-1250x833.jpg)\"><img decoding=\"async\" src=\"https:\/\/www.mechaman.nl\/veehouderij-techniek\/wp-content\/uploads\/sites\/7\/2024\/09\/0424_batchmilking_fullwood-1250x833.jpg\"\/><\/div><div class=\"image-title\"><\/div><p>Bij het Fullwood Meridian batchmelk-systeem komen de koeien in een ronde wachtruimte met opdrijfhek. De robots staan in een half rondje eromheen.<\/p><\/div><\/div><\/section>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>Omdat melkers moeilijk zijn te vinden, wordt de melkrobot ook op grote melkveebedrijven populair. Wie de bedrijfsvoering niet te veel wil veranderen, kan kiezen voor batchmelken.<\/p>\n","protected":false},"author":4033,"featured_media":21106,"comment_status":"open","ping_status":"open","sticky":false,"template":"","format":"standard","meta":{"_acf_changed":false,"wds_primary_category":77,"wds_primary_post_tag":0,"wds_primary_dossier":0,"wds_primary_artikel_type":0,"footnotes":""},"categories":[77],"tags":[],"dossier":[],"artikel_type":[27],"class_list":["post-21101","post","type-post","status-publish","format-standard","has-post-thumbnail","hentry","category-melktechniek","artikel_type-artikelen"],"acf":[],"_links":{"self":[{"href":"https:\/\/www.mechaman.nl\/veehouderij-techniek\/wp-json\/wp\/v2\/posts\/21101","targetHints":{"allow":["GET"]}}],"collection":[{"href":"https:\/\/www.mechaman.nl\/veehouderij-techniek\/wp-json\/wp\/v2\/posts"}],"about":[{"href":"https:\/\/www.mechaman.nl\/veehouderij-techniek\/wp-json\/wp\/v2\/types\/post"}],"author":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.mechaman.nl\/veehouderij-techniek\/wp-json\/wp\/v2\/users\/4033"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.mechaman.nl\/veehouderij-techniek\/wp-json\/wp\/v2\/comments?post=21101"}],"version-history":[{"count":3,"href":"https:\/\/www.mechaman.nl\/veehouderij-techniek\/wp-json\/wp\/v2\/posts\/21101\/revisions"}],"predecessor-version":[{"id":21108,"href":"https:\/\/www.mechaman.nl\/veehouderij-techniek\/wp-json\/wp\/v2\/posts\/21101\/revisions\/21108"}],"wp:featuredmedia":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.mechaman.nl\/veehouderij-techniek\/wp-json\/wp\/v2\/media\/21106"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/www.mechaman.nl\/veehouderij-techniek\/wp-json\/wp\/v2\/media?parent=21101"}],"wp:term":[{"taxonomy":"category","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.mechaman.nl\/veehouderij-techniek\/wp-json\/wp\/v2\/categories?post=21101"},{"taxonomy":"post_tag","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.mechaman.nl\/veehouderij-techniek\/wp-json\/wp\/v2\/tags?post=21101"},{"taxonomy":"dossier","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.mechaman.nl\/veehouderij-techniek\/wp-json\/wp\/v2\/dossier?post=21101"},{"taxonomy":"artikel_type","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.mechaman.nl\/veehouderij-techniek\/wp-json\/wp\/v2\/artikel_type?post=21101"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}