{"id":22134,"date":"2025-07-16T07:30:00","date_gmt":"2025-07-16T05:30:00","guid":{"rendered":"https:\/\/www.mechaman.nl\/veehouderij-techniek\/?p=22134"},"modified":"2025-07-11T11:39:34","modified_gmt":"2025-07-11T09:39:34","slug":"dit-kan-delavals-mca-melkcellenteller","status":"publish","type":"post","link":"https:\/\/www.mechaman.nl\/veehouderij-techniek\/artikel\/20250716\/dit-kan-delavals-mca-melkcellenteller\/","title":{"rendered":"Dit kan DeLaval&#8217;s MCA melkcellenteller"},"content":{"rendered":"<div class=\"wp-block-post-excerpt\"><p class=\"wp-block-post-excerpt__excerpt\">DeLaval heeft zijn celgetallenteller verder ontwikkeld. De Bio Sensor Milk Cell Analysis, kortweg MCA, is volgens de machinefabrikant gemakkelijker te onderhouden. Daarnaast zou de MCA nauwkeurigere resultaten moeten opleveren dan zijn voorganger. <\/p><\/div>\n\n\n<p>Wie al in vroegtijdig stadium weet of een koe uierontsteking heeft, kan haar snel behandelen. Dat levert minder besmettingen op in de koppel en het uiteindelijke verlies aan melk is kleiner. De periodieke melkcontrole helpt daarbij. Maar bij een volgende melking kan de melk weer een acceptabele waarde hebben. Vaker meten levert betrouwbaardere informatie op. Dat gebeurt al decennia door de geleidbaarheid van melk te meten. Maar het kan geavanceerder.<\/p>\n\n\n\n<section class=\"wp-block-newheap-blocks-one-col-image image-holder\"><div class=\"row\"><div class=\"col-md-12\"><div class=\"image-holder\" style=\"background-image:url(https:\/\/www.mechaman.nl\/veehouderij-techniek\/wp-content\/uploads\/sites\/7\/2025\/07\/0425_delaval_2a_2-1250x833.jpg)\"><img decoding=\"async\" src=\"https:\/\/www.mechaman.nl\/veehouderij-techniek\/wp-content\/uploads\/sites\/7\/2025\/07\/0425_delaval_2a_2-1250x833.jpg\" \/><\/div><div class=\"image-title\"><\/div><p>De kast waarin het melkmonster wordt geanalyseerd is in het kabinet van de melkrobot te vinden. Dat geldt ook voor het aparte monsternameapparaat.<\/p><\/div><\/div><\/section>\n\n\n\n<p>DeLaval introduceerde in 2007 Herd Navigator, dat de melkmachinefabrikant samen met het Deense Foss had ontwikkeld. De Herd Navigator is een kast met sensoren die de melk analyseren. Zo werd duidelijk welke koe ziek, tochtig of drachtig was. Ook kon de kast uierontsteking detecteren: door het enzym LDH te meten, bepaalde het systeem of een koe mastitis had of niet. Maar in 2021 besloot DeLaval om de Herd Navigator niet door te ontwikkelen en ook niet meer te verkopen. In 2030 wordt deze techniek uitgefaseerd. De investering was te groot om het systeem te laten voldoen aan de nieuwe technische eisen. Bovendien zijn er inmiddels betere alternatieven voorhanden.<\/p>\n\n\n\n<section class=\"wp-block-newheap-blocks-one-col-image image-holder\"><div class=\"row\"><div class=\"col-md-12\"><div class=\"image-holder\" style=\"background-image:url(https:\/\/www.mechaman.nl\/veehouderij-techniek\/wp-content\/uploads\/sites\/7\/2025\/07\/0425_delaval_Voorbeeld-mastitis-grafiek-1250x932.jpg)\"><img decoding=\"async\" src=\"https:\/\/www.mechaman.nl\/veehouderij-techniek\/wp-content\/uploads\/sites\/7\/2025\/07\/0425_delaval_Voorbeeld-mastitis-grafiek-1250x932.jpg\" \/><\/div><div class=\"image-title\"><\/div><p>Een grafiek van een koe met een telkens oplaaiend celgetal. Er is duidelijk te zien dat de meting stopt, zodra het celgetal onder de drempelwaarde komt.<\/p><\/div><\/div><\/section>\n\n\n\n<p>Toch blijft de fabrikant verschillende sensoren en onderdelen uit de Herd Navigator gebruiken. Zo is de Repromodule in de DeLaval VMS310-melkrobot gebaseerd op de vruchtbaarheidsmodule uit de Herd Navigator. Hoewel de informatie over uiergezondheid interessant is voor melkveehouders, wilde de fabrikant de op LDH gebaseerde uiergezondheidsmodule van Herd Navigator niet meer inzetten. Een verhoogd LDH-gehalte kan namelijk ook worden veroorzaakt door andere ontstekingen. Kort en goed: de uiergezondheidsmodule leverde net iets te veel valspositieve meldingen op. DeLaval ontwikkelde daarnaast een sensor voor in de melkrobot die de cellen in de melk telt, de Online Cell Counter, OCC.<\/p>\n\n\n\n<section class=\"wp-block-newheap-blocks-one-col-image image-holder\"><div class=\"row\"><div class=\"col-md-12\"><div class=\"image-holder\" style=\"background-image:url(https:\/\/www.mechaman.nl\/veehouderij-techniek\/wp-content\/uploads\/sites\/7\/2025\/07\/0425_delaval_4_2-1250x833.jpg)\"><img decoding=\"async\" src=\"https:\/\/www.mechaman.nl\/veehouderij-techniek\/wp-content\/uploads\/sites\/7\/2025\/07\/0425_delaval_4_2-1250x833.jpg\" \/><\/div><div class=\"image-title\"><\/div><p>Het binnenwerk van de MCA van DeLaval. De zwarte box links is de camera waarin een camera drie foto\u2019s maakt van het melkmonster. Het witte apparaat rechts onder voegt een verdunningsmiddel toe om het monster met slangenpompjes door de MCA te transporteren. De printplaat bovenin de kast stuurt het hele proces.<\/p><\/div><\/div><\/section>\n\n\n\n<h2 class=\"wp-block-heading\">Robuust<\/h2>\n\n\n\n<p>Die OCC-sensor deed hetzelfde als zijn opvolger, de nieuwe Bio Sensor Milk Cell Analysis, kortweg MCA. Deze vernieuwde versie is nog iets nauwkeuriger en sneller. De R&amp;D-afdeling in Denemarken, die zich richt op melkanalyse en die werd overgenomen van Foss, kreeg de opdracht het systeem te ontwikkelen. Het moest robuust zijn en weinig onderhoud vragen. Verder moesten de kosten laag zijn en moest het op afstand \u2013 via internet \u2013 te benaderen zijn.<\/p>\n\n\n\n<p>De MCA bestaat uit twee onderdelen die los van elkaar in de melkrobot zijn gemonteerd: een monsternameapparaat de zogenoemde Milk Sample Unit (MSU) die ook voor de reiniging zorgt en een analysesysteem. Het monsternameapparaat neemt tegen het einde van de melking \u2013 als de melk het meest representatief is \u2013 een kleine hoeveelheid melk uit de melkstroom. Met slangenpompjes wordt de melk in het apparaat verplaatst en er wordt een reagens aan toegevoegd dat ervoor zorgt dat de cellen in de melk fluorescerend oplichten. In de vorige versie van de celgetalsensor was dat middel niet biologisch afbreekbaar, waardoor de melkmonsters moesten worden afgevoerd als chemisch afval. Nu is het middel biologisch afbreekbaar, zodat de monsters gewoon in de put gedumpt kunnen worden. Het melkmonster komt uiteindelijk in een kamer terecht waar het wordt geanalyseerd. Een ledlamp beschijnt het via een filter. Aan de andere kant van het monster zijn twee lenzen met daartussen opnieuw een filter. Daaronder monteerde DeLaval een CCD-camera. Zo\u2019n camera, een chip die elektromagnetische straling omzet in elektrische lading, zit ook in digitale fotocamera\u2019s. In de MCA maakt de camera drie foto\u2019s van hetzelfde monster, die worden verstuurd naar de computer van het melkveebedrijf die aan de robot is gekoppeld. Een database op die computer, het biomodel, analyseert de foto\u2019s en telt de oplichtende cellen in de melk.<\/p>\n\n\n\n<h2 class=\"wp-block-heading\">Bemonsterkeuzes<\/h2>\n\n\n\n<p>De MCA bepaalt het celgetal niet standaard tijdens elke melking. Sowieso begint het pas vier dagen na het afkalven met tellen, zodat de biestperiode achter de rug is. Vervolgens bepaalt het apparaat het celgetal tijdens elke melking tot de veertiende dag van de lactatie om de koe te leren kennen. Is de koe gezond, dan neemt het systeem elke tweede dag een melkmonster en bepaalt het celgetal. De veehouder kan in samenspraak met DeLaval het interval naar drie of vier dagen verschuiven. Dat leidt tot een besparing op de verbruiksmiddelen. Zodra het celgetal stijgt, bepaalt het biomodel het meetinterval op de computer die aan het systeem is gekoppeld. DeLaval noemt dit het Adapted Cell Count. Wijkt het celgetal af van het normale patroon, dan geeft het systeem een alarm en zal het biomodel 28 dagen lang elke melking bepalen. Zo is snel duidelijk of de verhoging eenmalig was of niet. Daalt het celgetal onder de 200.000 cellen? Dan bepaalt het systeem het celgetal weer op het ingestelde interval. Blijft het hoog, dan krijgt de koe de classificatie chronisch matig of hoog, afhankelijk of ze onder of boven 400.000 cellen zit.<\/p>\n\n\n\n<section class=\"wp-block-newheap-blocks-one-col-image image-holder\"><div class=\"row\"><div class=\"col-md-12\"><div class=\"image-holder\" style=\"background-image:url(https:\/\/www.mechaman.nl\/veehouderij-techniek\/wp-content\/uploads\/sites\/7\/2025\/07\/0425_delaval_5_2-1250x833.jpg)\"><img decoding=\"async\" src=\"https:\/\/www.mechaman.nl\/veehouderij-techniek\/wp-content\/uploads\/sites\/7\/2025\/07\/0425_delaval_5_2-1250x833.jpg\" \/><\/div><div class=\"image-title\"><\/div><p>Het vervangen van de verbruiksmiddelen kost nog geen minuut. Vervolgens moet de veehouder de juiste slangetjes op de doosjes draaien. Dat kan niet misgaan. Elk slangetje is voorzien van een gekleurd label: rood voor de reagens en geel voor het verdunningsmiddel. Ook op de doosjes zijn die kleuren te vinden.<\/p><\/div><\/div><\/section>\n\n\n\n<p>En dan is er nog een tweede zogenoemde Milk-Triggered-instelling. Zodra er gemeten per kwartier een daling van de melkgift optreedt ten opzichte van de verwachte gift, bepaalt het systeem zeven dagen lang tijdens elke melking het celgetal. Blijft het hoog, dan kan de veehouder het dier behandelen. Treedt er een alarm op, dan onderdrukt het systeem elk nieuw alarm binnen acht dagen, zodat niet elke verhoging een attentie oplevert. Het is raadzaam dat de koe in de tussentijd bekeken en eventueel behandeld wordt. Daalt het celgetal binnen 28 dagen, dan krijgt ze de status gezond. De ondergrens ligt daarbij tussen 200.000 en 400.000 cellen. De veehouder kan vervolgens bepalen hoe hij dit dier moet behandelen. Vaak zal dat zijn door een melkmonster naar de dierenarts te sturen voor onderzoek met als doel de mastitisverwekker aan te tonen, waarna die behandeld en bestreden kan worden.<\/p>\n\n\n\n<p>In het digitale platform DeLaval Plus \u2013 dat de veehouder op zijn computer of via de telefoon kan raadplegen \u2013 zijn alle celgetalwaarden uit het verleden in het rapport \u2018Health Performance\u2019 terug te vinden. Tevens wordt op deze manier een trend zichtbaar: van de kudde of van een lactatiegroep en van verse dieren. Daarnaast is te zien welke koeien een gezond of hoog celgetal hebben of met een hoog celgetal de droogstand ingaan en hoe ze er weer uitkomen: hersteld of niet.<\/p>\n\n\n\n<h2 class=\"wp-block-heading\">Ziekte voorspellen<\/h2>\n\n\n\n<p>Omdat het systeem is gekoppeld aan het bestaande Del Pro-managementprogramma, krijgt de veehouder ook de dagelijkse attenties door. Verder stuurt DeLaval de gegevens naar een eigen server, waar het een uitvoerige analyse van alle gegevens van alle ge\u00efnstalleerde apparaten over de hele wereld uitvoert. Dat maakt het mogelijk een ziekte te voorspellen, een tot twee dagen voor het dier daadwerkelijk ziek wordt. Dit is te zien in het DeLaval-ziekterisicorapport in DeLaval Plus en in Del Pro.<\/p>\n\n\n\n<p>Een veehouder mag nooit zonder de verbruiksmiddelen (reagens) \u2013 door DeLaval stainer genoemd \u2013 verdunner en reinigingsmiddel, zitten. Daarom stuurt de fabrikant vanuit Denemarken automatisch een voorraad van vier maanden. Zodra er nog \u00e9\u00e9n maand aan voorraad aanwezig is, start op de achtergrond \u2013 in de computer op het bedrijf van de veehouder \u2013 een bestelprocedure, waarna DeLaval de middelen meteen naar de veehouder stuurt. Ze worden geleverd in een kartonnen doos met een vloeistofzak waarop een NFC-chip zit. In deze chip is ook de houdbaarheidsdatum van de middelen opgenomen. Zodra de doosjes in het apparaat zijn geplaatst, herkent de techniek de code en de middelen. Het gebruik van namaakmiddelen is daardoor niet mogelijk. De middelen moeten in de koelkast worden bewaard. Het analyseapparaat geeft aan wanneer de doosjes verwisseld moeten worden. De stainer, die de cellen kleurt, en het verdunningsmiddel zijn meestal als eerste op, het reinigingsmiddel dan vaak nog niet. Toch moeten de doosjes tegelijkertijd worden vervangen. Dat voorkomt dat het systeem onvoldoende gereinigd wordt. Dat zou problemen met de meting kunnen opleveren. Als de doosjes niet tegelijkertijd worden vervangen, stopt het systeem met meten en gaat het in storing. Daarnaast moeten de slangetjes en de slangenpompen om de vier maanden vervangen worden, tegelijkertijd met het onderhoud van de melkrobot. Dat geldt ook voor de glaasjes waartussen het melkmonster ligt, al geldt daarvoor een vervangingstermijn van acht maanden.<\/p>\n\n\n\n<h2 class=\"wp-block-heading\">Terugverdientijd<\/h2>\n\n\n\n<p>De prijs van het MCA-systeem, dat alleen beschikbaar is voor automatische melksystemen, is afhankelijk van het aantal melkrobots. DeLaval gaat ervan uit dat de verbruiksmiddelen 15 euro per koe per jaar kosten. Het systeem zelf kost voor een enkele melkrobot rond 11.000 euro en is op de V300 en V310 te monteren. Heb je twee robots, dan is er \u00e9\u00e9n pc met het ge\u00efnstalleerde biomodel nodig, wat de prijs drukt tot onder 10.000 euro per robot. Is er ook al een repromodule ge\u00efnstalleerd, dan kan het monsternameapparaat en biomodel al ge\u00efnstalleerd zijn. Uiteindelijk ligt de prijs tussen 9.000 en 11.000 euro per robot. Een bedrag dat de veehouder volgens DeLaval binnen drie tot vier jaar terugverdient doordat met name subklinische mastitis eerder wordt gevonden.<\/p>\n\n\n\n<section class=\"wp-block-newheap-blocks-one-col-image image-holder\"><div class=\"row\"><div class=\"col-md-12\"><div class=\"image-holder\" style=\"background-image:url(https:\/\/www.mechaman.nl\/veehouderij-techniek\/wp-content\/uploads\/sites\/7\/2025\/07\/0425_delaval_kader_2-1250x833.jpg)\"><img decoding=\"async\" src=\"https:\/\/www.mechaman.nl\/veehouderij-techniek\/wp-content\/uploads\/sites\/7\/2025\/07\/0425_delaval_kader_2-1250x833.jpg\" \/><\/div><div class=\"image-title\">\u2018Niet bang worden\u2019<\/div><p>Jan Schottert uit Beerze (Ov.) is \u00e9\u00e9n van de melkveehouders die de MCA het afgelopen jaar heeft geprobeerd, zodat DeLaval onder meer de bestelprocedures en het opleidingstraject kon valideren. Schottert roemt de gegevens die hij uit het systeem krijgt. Het maakt een snelle behandeling van de koeien mogelijk. \u201cMaar je moet niet bang worden van de grote hoeveelheid cijfers.\u201d Attentiekoeien haalt de veehouder uit de koppel en daarvan checkt hij de melk op vlokken. Zijn die er, dan wordt het dier meteen behandeld met antibiotica. Zijn ze er niet en blijft het celgetal hoog, dan gaat er een monster naar de dierenarts om de ziekteverwekker te achterhalen. Het onderhoud noemt Schottert gemakkelijk. \u201cHet vervangen van de verbruiksmiddelen kost nog geen minuut.\u201d Maar er is ook nog ruimte voor verbetering. \u201cIk zou graag zien dat het managementsysteem Del Pro en DeLaval Plus in elkaar geschoven worden, zodat alle gegevens op \u00e9\u00e9n plaats zichtbaar zijn.\u201d<\/p><\/div><\/div><\/section>\n\n\n\n<section class=\"wp-block-newheap-blocks-one-col-image image-holder\"><div class=\"row\"><div class=\"col-md-12\"><div class=\"image-holder\" style=\"background-image:url(https:\/\/www.mechaman.nl\/veehouderij-techniek\/wp-content\/uploads\/sites\/7\/2025\/07\/0425_delaval_1_2_2-1250x833.jpg)\"><img decoding=\"async\" src=\"https:\/\/www.mechaman.nl\/veehouderij-techniek\/wp-content\/uploads\/sites\/7\/2025\/07\/0425_delaval_1_2_2-1250x833.jpg\" \/><\/div><div class=\"image-title\"><\/div><p><\/p><\/div><\/div><\/section>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>DeLaval heeft zijn celgetallenteller verder ontwikkeld. De Bio Sensor Milk Cell Analysis, kortweg MCA, is volgens de machinefabrikant gemakkelijker te onderhouden. Daarnaast zou de MCA nauwkeurigere resultaten moeten opleveren dan zijn voorganger.<\/p>\n","protected":false},"author":4033,"featured_media":22135,"comment_status":"open","ping_status":"open","sticky":false,"template":"","format":"standard","meta":{"_acf_changed":false,"wds_primary_category":75,"wds_primary_post_tag":0,"wds_primary_dossier":0,"wds_primary_artikel_type":0,"footnotes":""},"categories":[75],"tags":[158],"dossier":[],"artikel_type":[27],"class_list":["post-22134","post","type-post","status-publish","format-standard","has-post-thumbnail","hentry","category-dierverzorging","tag-delaval","artikel_type-artikelen"],"acf":[],"_links":{"self":[{"href":"https:\/\/www.mechaman.nl\/veehouderij-techniek\/wp-json\/wp\/v2\/posts\/22134","targetHints":{"allow":["GET"]}}],"collection":[{"href":"https:\/\/www.mechaman.nl\/veehouderij-techniek\/wp-json\/wp\/v2\/posts"}],"about":[{"href":"https:\/\/www.mechaman.nl\/veehouderij-techniek\/wp-json\/wp\/v2\/types\/post"}],"author":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.mechaman.nl\/veehouderij-techniek\/wp-json\/wp\/v2\/users\/4033"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.mechaman.nl\/veehouderij-techniek\/wp-json\/wp\/v2\/comments?post=22134"}],"version-history":[{"count":2,"href":"https:\/\/www.mechaman.nl\/veehouderij-techniek\/wp-json\/wp\/v2\/posts\/22134\/revisions"}],"predecessor-version":[{"id":22143,"href":"https:\/\/www.mechaman.nl\/veehouderij-techniek\/wp-json\/wp\/v2\/posts\/22134\/revisions\/22143"}],"wp:featuredmedia":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.mechaman.nl\/veehouderij-techniek\/wp-json\/wp\/v2\/media\/22135"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/www.mechaman.nl\/veehouderij-techniek\/wp-json\/wp\/v2\/media?parent=22134"}],"wp:term":[{"taxonomy":"category","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.mechaman.nl\/veehouderij-techniek\/wp-json\/wp\/v2\/categories?post=22134"},{"taxonomy":"post_tag","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.mechaman.nl\/veehouderij-techniek\/wp-json\/wp\/v2\/tags?post=22134"},{"taxonomy":"dossier","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.mechaman.nl\/veehouderij-techniek\/wp-json\/wp\/v2\/dossier?post=22134"},{"taxonomy":"artikel_type","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.mechaman.nl\/veehouderij-techniek\/wp-json\/wp\/v2\/artikel_type?post=22134"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}