Favoriet

Bedrijfsnieuws

Europese mechanisatiesector wacht uitdaging in komende maand

De Europese mechanisatiesector is nog goed gestemd. Dat blijkt de Business Barometer van de CEMA, de Europese vereniging voor de landbouwmachine-industrie. Het aantal orders in de portefeuille van Europese machinebouwers staat op dit moment gelijk aan een productieperiode van ruim zes maanden. Onderdelentekorten dreigen nog steeds.

De Europese mechanisatiesector is nog goed gestemd. Dat blijkt de Business Barometer van de CEMA, de Europese vereniging voor de landbouwmachine-industrie. Het aantal orders in de portefeuille van Europese machinebouwers staat op dit moment gelijk aan een productieperiode van ruim zes maanden. Onderdelentekorten dreigen nog steeds.

In de Business Barometer wordt het stemmingsniveau in de sector weergegeven in een index van -100 tot +100 punten. De piek van vorig jaar mei (+72) is nog niet bereikt. Op dit moment staat de index op +53 punten, iets lager dan in januari. De punten voor de huidige gang van zaken worden gegeven door 140 fabrieksvertegenwoordigers uit de negen CEMA-landen. Zij vullen maandelijks een enquête in. De negen landen worden vertegenwoordigd door de VDMA (Duitsland), FederUnacoma (Italië), Axema (Frankrijk), AEA (Verenigd Koninkrijk), Agoria (België), Ansemat (Spanje), Metaltechnology Austria (Oostenrijk, Danish Agro Industry (Denemarken) en Fedecom.  

Pessimisme

Het aantal orders en de daaraan gekoppelde productieperiode van ruim een half jaar is het hoogste in het bestaan van de Business Barometer. Hoewel dat iets positiefs zou kunnen betekenen, zijn er met het oog op de nabije toekomst meer pessimistische dan optimistische respondenten.

Het dreigende onderdelentekort waar al een langere tijd sprake van is, zorgt voor ‘de grootste uitdaging’ voor de machine-industrie. Daarnaast stijgen de prijzen van grondstoffen en onderdelen nog altijd. Dat is de reden waarom de helft van alle vertegenwoordigers een productiestop verwacht in de komende maand. Trekker- en maaidorserfabrikanten zijn nog pessimistischer; twee van drie denkt aan een tijdelijke productiestop ergens in de komende vier weken.